Besluitenlijst raadsvergadering 14 maart 2013

Besluitenlijst raadsvergadering gemeente Landerd
d.d. 14 maart 2013

Aanwezig

voorzitter                   W.C.Doorn-van der Houwen
griffier                        J.A.G.Huijs

leden                         P.M.Kremers
                                   G.L.J.Werring
                                   H.W. van den Broek 
                                   J.W.A. Pijnappels 
                                  C.W.M. Zwaans
                                  C.A.M. Dirks
                                  M.M.M.J. de Klein
                                  R.W.M. Böhmer
                                  M.M.J.Jeurissen
                                  P.H.G.J.M. Jonkergouw
                                  B.A.Maathuis
                                  A.W.M. de Louw
                                  A.M.W. Wieland
                                  W.C.M. Lemmers


overige
aanwezigen
                                 P.L.M. Raaijmakers (wethouder)
                                 H.G.Tindemans-van Tent (wethouder)
                                 H.L.J.M. van Dongen (wethouder)
                                 J.A.J. Lenssen (secretaris)

Afwezig:                  S.Reitsma

(De besluitenlijst is zodanig opgezet dat per agendapunt –na een korte samenvatting/typering van het agendapunt- is aangegeven wat het besluit van de raad is. Voor het geval het besluit niet unaniem is, wordt daarvan melding gemaakt. Tevens worden eventuele afspraken en toezeggingen vermeld (inclusief een “ ►teken” in de kantlijn). De besluitenlijst wordt ook op de gemeentelijke website geplaatst. Aldaar kan tevens, per agendapunt, middels het aanklikken van geluidsfragmenten, beluisterd worden wat dienaangaande exact gezegd is)

1. Opening
De voorzitter opent de vergadering en meldt dat de heer Reitsma afwezig is.

2. Spreekrecht voor het publiek
Op grond van het “Reglement van orde voor de gemeenteraad van Landerd” wordt –binnen bepaalde randvoorwaarden- aan het publiek de gelegenheid geboden het woord te voeren. Dat mag over alle onderwerpen, dus ook over onderwerpen die niet op de agenda staan.
Achtereenvolgens maken de volgende personen gebruik van het spreekrecht voor het publiek:
De heer J.Willems mbt intensieve veehouderijen en Q-koorts, mevrouw F.Veerkamp mbt agendapunt 11, de heer J.Verhoeven mbt agendapunt 11 en mevrouw M.Kieboom mbt de agendapunten 7,8,12 en 13

3. Trekking stemmingscijfer
De voorzitter van de raad bepaalt door middel van het trekken van een naambriefje uit een bokaal bij welk raadslid een eventuele hoofdelijke stemming zal beginnen
De naam van de heer Kremers wordt getrokken zodat een eventuele stemming bij hem begint.

4. Vaststelling agenda
Het presidium heeft deze voorlopige agenda vastgesteld, maar de gemeenteraad
stelt aan het begin van de vergadering zelf de definitieve agenda vast.
De agenda wordt gewijzigd vastgesteld in die zin dat de agendapunten
7 en 8 worden afgevoerd (die agendapunten komen in een aparte
vergadering op 25 maart 2013), en alsnog niet worden opgevoerd de nagezonden
agendapunten 16: “Voorstel tot wijziging van de Verordening geurhinder en
veehouderij 2008, ophogen geurnorm in plangebied Voederheil” en 17:
“Vaststelling bestemmingsplan Bedrijventerrein Voederheil II”. (De
agendapunten 16 en 17 gaan naar de vergadering van april 2013, zo het presidium daarmee
instemt)

5. Besluitenlijst van de raadsvergadering van 31 januari 2013
De vermelde Besluitenlijst wordt ter vaststelling aangeboden. De Besluitenlijst is ook op de gemeentelijke website geplaatst. Aldaar kan tevens, per agendapunt, middels het aanklikken van geluidsfragmenten, beluisterd worden wat dienaangaande exact gezegd is.
De besluitenlijst wordt ongewijzigd vastgesteld.

6. Ingekomen stukken, rondvraag en mededelingen
a. Alle ingekomen stukken en schriftelijke mededelingen worden op een lijst gezet. Per stuk/mededeling wordt door de voorzitter voorgesteld wat daarmee te doen, bij voorbeeld “voor kennisgeving aannemen” of “om advies in handen van het college stellen”. Voor het geval een raadslid over een ingekomen stuk inhoudelijk wil praten dan wordt dat stuk doorgeschoven naar de eerstvolgende Voorbereidende Vergadering.
b. Dit agendapunt biedt de raadsleden gelegenheid vooraf schriftelijk aangekondigde vragen te stellen aan de voorzitter en aan de bestuurlijk portefeuillehouders. Slechts in dringende gevallen worden raadsleden thans in de gelegenheid gesteld aan het college ook nog andere vragen te stellen.
Tevens biedt dit onderdeel raadsleden gelegenheid vragen te stellen aan elkaar over alles wat men van belang acht.
c. Mededelingen van het college worden schriftelijk gedaan en op de onder “a” vermelde lijst geplaatst. Slechts in dringende gevallen worden collegeleden thans in de gelegenheid gesteld mondelinge mededelingen te doen.

De collegeleden zijn –elk voor een gedeelte- bestuurlijk portefeuillehouder
Sub a: De ingekomen stukken worden in dit stadium voor kennisgeving aangenomen, zulks met inachtneming van de volgende afspraken en toezeggingen:
►Wethouder Raaijmakers zegt mbt “a” (brief van het college mbt evaluatie activiteiten project alcohol16 min en preventie overgewicht 2012) toe dat hij in het regionaal en locaal overleg zal meenemen om te bekijken of mbt het project alcohol16min doelen geformuleerd kunnen worden.
►Wethouder Tindemans zegt mbt “m” (brief Regiotaxi mbt conceptkadernota 2014) toe om op de publiekspagina’s van de gemeente aandacht te zullen besteden aan de dienstregelingen van het openbaar vervoer mbt het streekziekenhuis, en de oplaadpunten van de ov-chipkaarten. Tevens zegt wethouder Tindemans toe om na te zoeken hoe het staat met de in de conceptkadernota aangekondigde instructie en presentatie van het gebruik van de ov chipkaart.

Tijdens de behandeling van dit agendapunt dient de fractie CDA mbt “a” (brief college mbt OOG) de volgende motie is:
“Betreft: Wijziging opheffingsnorm kleine scholen.
Een verhoging van de opheffingsnorm van 23 naar 100 leerlingen vindt het CDA een maatregel die geen recht doet aan de verscheidenheid van kleine scholen. De ene kleine school kan nog steeds kwaliteit bieden, terwijl de andere het niet kan. Daar moet per school naar gekeken worden. Kwaliteit moet leidend zijn en niet de norm. Bij opheffing van alle kleine scholen vreest het CDA bovendien voor witte vlekken in het aanbod van onderwijs op het platteland en groeiende kosten van het leerlingvervoer. Het zal leiden tot een verdere verslechtering van de leefbaarheid in de kleine kernen, waarmee de saamhorigheid en de gemeenschapszin minder vanzelfsprekend wordt.
Het CDA is van mening dat niet vanuit Den Haag wordt bepaald welke scholen dicht moeten, maar dat wij moeten kijken naar de wens van de lokale gemeenschap. Wil zij de school in hun kern houden en is de kwaliteit goed, dan moet dit kunnen en moeten zij ondersteund worden. Het kan niet zo zijn dat alleen in de stedelijke gebieden kinderen een school dichtbij hebben. Wij willen de menselijke maat behouden.
MOTIE

De gemeenteraad van Landerd, in vergadering bijeen op 14 maart 2013

overwegende dat :
• het behoud van scholen in de kernen van onze gemeente essentieel is voor het in stand houden van de leefbaarheid;
• de kwaliteit van de school leidend moet zijn voor behoud van de school;
• op lokaal niveau moet worden besloten welke voorzieningen behouden moeten blijven;
• de Onderwijsraad met een advies is gekomen dat alle scholen met minder dan 100 leerlingen moeten worden gesloten;
• het opvolgen van bovengenoemd advies zal leiden tot sluiting van de school op het Oventje en daarmee het voorzieningen-nivo en de saamhorigheid verder daalt;
• het belangrijk is dat ouders voor hun kinderen kunnen kiezen voor een eigen school in een vertrouwde omgeving;

is van mening dat:
het advies van de onderwijsraad niet aansluit bij de belangen van onze gemeente.
verzoekt het college:
• zich uit te spreken tegen deze voorstellen van de onderwijsraad, de staatssecretaris van onderwijs hierover te informeren en de staatssecretaris op te roepen geen voorstellen te doen die de voortzetting van kwalitatief goede scholen onder de 100 leerlingen bedreigen;
• in VNG verband samen op te trekken om verhoging van de opheffingsnorm van 23 naar 100 leerlingen te voorkomen wanneer door lokale gemeenschappen kwalitatief goed onderwijs in stand kan worden gehouden, tevens leidend tot instandhouding van saamhorigheid en gemeenschapszin in die lokale gemeenschappen;

en gaat over tot de orde van de dag.

Ondertekening:

(P.H.G.J.M. Jonkergouw)”

De voorzitter constateert dat de raad de motie unaniem ondersteunen. De raadsleden Jonkergouw en Pijnappels zullen e.e.a. ook onder de aandacht van de landelijke partijbureaus van CDA en PvdA brengen.

Sub b.

Als dringend onderwerp wordt door de fracties Progressief Landerd en RPP het kort geding gemeente Landerd/weekblad Arena aan de orde gesteld.
De fractie DS97 vraagt, zoals reeds schriftelijk aangekondigd, opheldering n.a.v. artikel in het Brabants Dagblad over sloop/nieuwbouw kassen IBN. Fractie RPP vraagt om een brief van het college mbt de kwestie sloop/nieuwbouwkassen IBN en mbt vervolg nav de uitspraak kwestie gemeente Landerd/van Tiel.

De fractie RPP dient de volgende motie in:

“(motie van RPP m.b.t. handelswijze rondom contract publicatie gemeentelijke informatiepagina)


De raad van de gemeente Landerd, in vergadering bijeen op 14 maart 2013

Overwegende:

• dat het College volgens de rechter nagelaten heeft om rectificatie te vorderen vanwege het noemen van namen van een ambtenaar, maar wel het contract hierom opzegt met de Arena.
• Dat het College volgens de rechter nagelaten heeft om haar meningsverschil bij de raad van de journalistiek voor te leggen om een uitspraak te krijgen over de interpretatie “”vrije menings uiting””
• Dat het College door haar handelwijze de indruk wekt dat zij hiermee de persvrijheid en vrije menings uiting in Landerd beperkt. ,
• Dat het College door het eenzijdig, onrechtgeldig ontbinden van het contract met de Arena, de gemeente Landerd en haar bestuur wederom veel negatieve publiciteit bezorgt.
• dat het College de gemeenschap onnodig op extra kosten jaagt door het dubbel laten publiceren van dezelfde gemeentelijke informatie pagina,


spreekt richting het college zijn afkeuring uit over de handelswijze rondom het ontbinden van het contract van de gemeente informatie pagina.

en

draagt het College op om in het belang van de Gemeente Landerd en haar inwoners om de aanbesteding van de gemeente informatie pagina, eerlijk, openbaar en transparant te laten verlopen, als het huidige contract medio juli afloopt .

en gaat over tot de orde van de dag.

Fractie RPP”

Tijdens de behandeling van de motie wordt de vergadering in eerste aanleg geschorst op verzoek van de heeft Pijnappels van fractie Progressief Landerd.
Vervolgens wordt de vergadering nogmaals geschorst, nu op voorstel van de voorzitter.
Na de schorsing geeft de voorzitter namens het college de reactie mbt de motie. Daarna krijgt de heer Lemmers van de fractie RPP het woord. Hij geeft aan dat de motie overeenkomstig de suggestie van de fractie Progressief Landerd door de fractie RPP als volgt wordt aangepast: de zinsnede “Dat het College door haar handelwijze de indruk wekt dat zij hiermee de persvrijheid en vrije meningsuiting in Landerd beperkt” wordt geschrapt en evenzo de zinsnede ‘”medio juli”.
Vervolgens wordt de aldus aangepaste motie in stemming gebracht.
Voor de motie stemmen de raadsleden De Klein, Wieland, Böhmer, Pijnappels, Lemmers, De Louw, Werring en Van den Broek, tegen de motie stemmen de raadsleden Kremers, Jonkergouw, Dirks, Jeurissen (stemverklaring) Maathuis en Zwaans, zodat de motie met 8 stemmen voor en 6 stemmen tegen is aangenomen.
►Mbt de dringende vragen mbt sloop/nieuwbouw kassen IBN en mbt vervolg nav de uitspraak kwestie gemeente Landerd/van Tiel zegt wethouder Van Dongen toe dat de raad over beide onderwerpen een brief krijgt.

Sub c. Er zijn geen dringende mededelingen van het college

7. Behandeling rapport onderzoekscommissie gemeenteraad Landerd mbt kwestie geitenstal (de behandeling van dit agendapunt gebeurt onder voorzitterschap van de waarnemend raadsvoorzitter, de stukken worden nagezonden)
De gemeenteraad heeft op 20 september 2012 op grond van artikel 155a van de Gemeentewet een onderzoekscommissie uit de raad ingesteld om onderzoek te doen mbt de kwestie geitenstal Langstraat 4, Zeeland. Thans wordt het rapport van de onderzoekscommissie met de daarin opgenomen conclusies en aanbevelingen ter instemming voorgelegd aan de raad. Aansluitend wordt voorgesteld de onderzoekscommissie op te heffen.
Dit agendapunt is bij agendapunt 4 afgevoerd.

8. Eerste reactie college mbt rapport onderzoekscommissie gemeenteraad Landerd mbt kwestie geitenstal (de behandeling van dit agendapunt gebeurt onder voorzitterschap van de waarnemend raadsvoorzitter)
Thans wordt het college gelegenheid gegeven een eerste reactie te geven op het onderzoeksrapport met de daarin opgenomen conclusies en aanbevelingen, waarmee de raad bij agendapunt 7 heeft ingestemd. Die reactie wordt door de raad kort besproken, en er worden afspraken gemaakt over het vervolg.
Bestuurlijk portefeuillehouder is het college.
Dit agendapunt is bij agendapunt 4 afgevoerd.

9. Aansluiting bij omgevingsdienst Brabant Noord (RUD)
Dit voorstel heeft betrekking op het nemen van de nodige besluiten mbt bovenvermeld onderwerp. Het voorstel is ook besproken in de Voorbereidende Vergadering van 6 maart 2013.
Bestuurlijk portefeuillehouder is wethouder Van Dongen
Wethouder Van Dongen herhaalt zijn in de Voorbereidende Vergadering van 6 maart gedane toezegging mbt de bezuinigingsopdracht en de kwaliteit van de handhaving.
De raad stemt unaniem in met het voorliggende voorstel.

10. Vaststellen twee verordeningen ivm inwerkingtreding Handhavingswet/ Fraudewet
Dit voorstel heeft betrekking op het vaststellen van een tweetal verordeningen in relatie tot de Handhavingswet/Fraudewet.
Bestuurlijk portefeuillehouder is wethouder Raaijmakers.
►Wethouder Raaijmakers zegt mbt uithuiszettingen toe dat er door Landerd geen kinderen op straat gezet zullen worden.
►Verder zegt wethouder Raaijmakers toe dat de WWB-ers in een persoonlijk gesprek geinformeerd worden over de nieuwe wet.
De raad stemt unaniem in met het voorliggende voorstel.

11. Ontwikkeling natuurbegraafplaats en verkoop bosperceel Franse Baan 2 te Schaijk
Dit voorstel heeft betrekking op het nemen van de nodige besluiten met het oog op de ontwikkeling van een natuurbegraafplaats in Schaijk.
Bestuurlijk portefeuillehouder is wethouder van Dongen
►Wethouder Van Dongen zegt toe dat, zodra het plan ontwikkeld is, het in procedure wordt gebracht en dat het in dat kader ook in de Voorbereidende Vergadering en de raadsvergadering aan de orde komt.
De raad stemt unaniem in met het voorliggende voorstel.

12. Vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij
Naar verwachting wordt in mei 2013 het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied vastgesteld. Het plan heeft een conserverend karakter en kent wat betreft intensieve veehouderij geen wijzigingsbepalingen. Voor een goede afhandeling van verzoeken om van dat plan af te wijken of het plan partieel te herzien is een beleidsnota opgesteld. Die is tijdens de Voorbereidende Vergadering van 22 januari 2013 besproken en wordt thans ter vaststelling aangeboden.
Bestuurlijk portefeuillehouder is wethouder Van Dongen
Tijdens de behandeling van dit voorstel worden de volgende zes amendementen ingediend.

Amendement 1

“amendement

De gemeenteraad van Landerd, bijeen op donderdag 14 maart 2013,

Overwegende dat:
- Schaalvergroting de laatste decennia zijn intrede heeft gedaan in de melkrundveehouderijsector.
- Verwacht wordt dat schaalvergroting ook de komende jaren, zeker met het wegvallen van het Europees melkquoteringssysteem in 2015, de meest gekozen strategie voor melkrundveehouderijbedrijven blijft.
- Dat een grondgebonden veehouderij zich moet kunnen onderscheiden van een niet grondgebonden veehouderij.
- Een grondgebonden veehouderij meer mogelijkheden schept voor weidegang.
- Dit voordelen heeft voor dierenwelzijn en gezondheid.
- Dit een lagere ammoniak- en CO2-uitstoot geeft.
- Een grondgebonden veehouderij een bijdrage kan leveren aan het sluiten van de kringloop van ruwvoer en mest. Waarmee milieuwinst wordt geboekt met betrekking tot efficiënter gebruik van mineralen en energieverbruik en er een bijdrage wordt geleverd aan de doelstelling van Alders “Van mega naar beter” en de doelstelling van Van Doorn “Al het vlees duurzaam”.



stelt indachtig agendapunt 12, 'Voorstel tot vaststelling van de beleidsnota “Grondgebonden veehouderij en duurzame locaties intensieve veehouderij', de notitie vast met dien verstande dat deze met betrekking tot paragraaf 2.2 Grondgebonden veehouderij wordt aangepast in die zin dat:

- Bij uitbreiding eisen worden gesteld aan daadwerkelijke beweiding van de veestapel. Met als minimumnorm 120 dagen per jaar minimaal 6 uur per dag.
- De vereiste minimale huiskavel wordt aangepast naar 0,250 ha per koe.
- Daar waar bedrijven groter willen worden dan 1,5 ha en meer dan 200 stuks rundvee, een locatietoets wordt uitgevoerd om te beoordelen of doorgroei wenselijk is.
- Daar waar bedrijven groter willen worden dan 1,5 ha en meer dan 200 stuks rundvee, een toets op bedrijfseconomische noodzaak wordt uitgevoerd.
- Daar waar deze toetsen positief zijn, een koppeling wordt gelegd tussen de vergroting van het bouwblok en de Maatlat Duurzame Veehouderij.
- Een bouwblok van 2,5 ha het maximum is.


Progressief Landerd”

Amendement 2

“amendement

De gemeenteraad van Landerd, bijeen op donderdag 14 maart 2013,

Overwegende dat:
o Er veel discussie is over de intensieve veehouderij die vaak in de nabijheid van woongebieden is gevestigd.
o Zorgen over de volksgezondheid daarbij één van de aspecten is.
o De uitbraak van de Q-koorts de ongerustheid over de gezondheidsrisico’s verder heeft versterkt.
o De GGD adviseert om binnen een afstand van 250 meter van gevoelige objecten geen intensieve veehouderij te bouwen.
o Er binnen de genoemde afstand hogere concentraties fijn stof, endotoxinen en veespecifieke MRSA-bacterie zijn gemeten met mogelijk negatieve gezondheidseffecten.
o De GGD Nederland adviseert dat binnen de afstand van 250 – 1000 meter tussen een bedrijf en gevoelige objecten bij vergunningverlening een aanvullende gezondheidskundige risicobeoordeling moet worden uitgevoerd.
o De Gezondheidsraad in haar rapport “Gezondheidsrisico’s rond veehouderijen” adviseert dat de minimumafstand tussen veehouderijbedrijven en woningen om een lokale afweging vraagt.
o Dat de Gezondheidsraad daarbij vaststelt dat ook de risicopercepties, geurhinder en de zorgen van mensen tellen.
o De lokale situatie het rechtvaardigt om op grond van het voorzorgprincipe minimumafstanden tussen veehouderijen en woningen vast te stellen.
o Dat ontwikkelingen een bijdrage moeten leveren aan de doelstelling van Alders “Van mega naar beter” en de doelstelling van Van Doorn “Al het vlees duurzaam”.


stelt indachtig agendapunt 12, 'Voorstel tot vaststelling van de beleidsnota “Grondgebonden veehouderij en duurzame locaties intensieve veehouderij', de notitie vast met dien verstande dat deze met betrekking tot paragraaf 2.3 Duurzame locatie? wordt aangepast in die zin dat:

- Binnen een afstand van 250 meter vanaf gevoelige objecten geen ontwikkeling van intensieve veehouderijen plaatsvindt.
- Bij ontwikkelingen tot 1000 meter tussen een bedrijf en gevoelige objecten een aanvullende gezondheidskundige risicobeoordeling moet worden uitgevoerd.
- Ontwikkelingen van de intensieve veehouderij moeten voldoen aan de Maatlat Duurzame veehouderij.


Progressief Landerd”

Amendement 3

“(Amendement 1 van RPP m.b.t. het raadsvoorstel “Vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij”)
De raad van de gemeente Landerd,

Gelezen het voorstel van het college m.b.t. Vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij (ag 12);

In aanmerking nemende:
- dat de gemeenteraad van Landerd in het verleden heeft uitgesproken dat het waarborgen van de volksgezondheid in relatie met de intensieve veehouderij zeer belangrijk is.
- dat een goede landelijke normstelling op dit moment nog niet voorhanden is.

Overwegende, dat de GGD in haar publicatie “Informatieblad Intensieve Veehouderij en Gezondheid, Update 2011” daarom het volgende adviseert:
• Bij nieuwbouw en planontwikkeling geen intensieve veehouderij in een straal van 250 meter van gevoelige bestemmingen bouwen en geen gevoelige bestemmingen binnen 250 meter van intensieve veehouderijen bouwen. Bij innovatieve planvorming kan er reden zijn om een meer specifieke risicobeoordeling te maken.
• Binnen de afstand van 250 – 1.000 meter tussen een LOG of bedrijf tot een woonkern of lintbebouwing bij vergunningverlening een aanvullende gezondheidkundige risicobeoordeling moet worden uitgevoerd. In het daaruit voortvloeiende advies worden bedrijfsspecifieke kenmerken zoals diersoort, bouwtype (open/gesloten stal) ligging, windrichting en andere ruimtelijke ordeningsaspecten meegewogen.

BESLUIT:
In te stemmen met het voorliggend voorstel van het college, met dien verstande dat tevens wordt besloten om het GGD advies volledig over te nemen in de beleidsnota.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Landerd van 14 maart 2013

Fractie RPP
Harold van den Broek”

Amendement 4

“(Amendement 2 van RPP m.b.t. het raadsvoorstel “Vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij”)
De raad van de gemeente Landerd,

Gelezen het voorstel van het college m.b.t. vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij (ag 12);

In aanmerking nemende:
o dat een verdere toename van het aantal landbouwhuisdieren in Landerd ongewenst is.
o dat .de ontwikkeling naar een duurzamere veehouderij gestimuleerd moet worden.

Overwegende, dat de voorgestelde beleidsregels dit streven nog onvoldoende waarborgen.

BESLUIT:
In te stemmen met het voorliggend voorstel van het college, met dien verstande dat tevens wordt besloten tot het instellen van een plafond om zo te voorkomen dat het totale aantal landbouwhuisdieren (nge) dat in Landerd door veehouderijen wordt gehouden in de toekomst verder kan stijgen.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Landerd van 14 maart 2013

Fractie RPP
Harold van den Broek”

Amendement 5

“(Amendement 3 van RPP m.b.t. het raadsvoorstel “Vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij”)
De raad van de gemeente Landerd,

Gelezen het voorstel van het college m.b.t. vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij (ag 12);

In aanmerking nemende:
o dat er veehouderijbedrijven zijn gelegen in het zoekgebied voor waterretentie ten noorden van Reek en Schaijk.
o dat deze bedrijven grote problemen krijgen in het geval dat het gebied daadwerkelijk ingezet zal worden voor waterretentie.

Overwegende, dat het oplossen van deze problemen in de toekomst grote maatschappelijke kosten zal veroorzaken.

BESLUIT:
In te stemmen met het voorliggend voorstel van het college, met dien verstande dat tevens wordt besloten dat uitsluitend meegewerkt zal worden aan toekomstige uitbreidingen van bedrijven in het zoekgebied voor waterretentie indien de hogere overheden hiervoor een verklaring van geen bezwaar afgeven.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Landerd van 14 maart 2013

Fractie RPP

Harold van den Broek”

Amendement 6

“(amendement 4 van RPP m.b.t. het raadsvoorstel “vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij”)

De raad van de gemeente Landerd,
Gelezen het voorstel van het College m.b.t. vaststelling van de beleidsnota Grondgebonden agrarische bedrijven en duurzame locaties intensieve veehouderij (ag12);

In aanmerking nemende:
o dat volksgezondheid als toetsingscriteria nog niet vastliggen vanuit hoger overheden.
o dat ook de rechten van omgeving, omwonende burgers, dier en de natuur beschermd dienen te worden voor ongewenste ontwikkelingen die niet afhankelijk dienen te zijn van ruimtelijke en mogelijk juridische aspecten

Overwegende, dat het probleem niet ophoudt bij perceelgrenzen het volgende:

Besluit:

Om in te stemmen met het voorliggende voorstel van het College, met dien verstande dat de Maatlat duurzame veehouderij toepasbaar te verklaren als toetsingskader voor ruimtelijk ontwikkeling zowel bij nieuwe als bestaande situatie .

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Landerd van 14 maart 2013
Fractie RPP
Harold van den Broek”

De raad besluit, na een korte schorsing op verzoek van wethouder van Dongen tbv een kort overleg met de fractiespecialisten, om het voorstel aan te houden tot de c.q. een volgende vergadering.

13. Deltaprogramma retentiegebied bij Reek
In het kader van het Deltaprogramma Rivieren zijn door de provincie onder andere bestuurlijke notities mbt rivierverruiming en dijkverhoging gemaakt. De raad wordt voorgesteld in te stemmen met bedoelde notities.
Bestuurlijk portefeuillehouder is wethouder Tindemans
►Wethouder Tindemans zegt toe de tijdens de vergadering gemaakte opmerkingen mbt eventuele ontdijking Reek/Keent in het bestuurlijk overleg van 3 april mee te zullen nemen. Zodra er besluiten genomen moeten worden komt de raad weer aan bod, tenminste als e.e.a. op grondgebied van Landerd plaats moet vinden.
De raad stemt unaniem in met het voorliggende voorstel mdv dat RPP opmerkingen heeft gemaakt mbt retentie onderdeel Reek (stemverklaring).

14. Besteding Participatiebudget 2012
Dit voorstel heeft betrekking op het instemmen met de wijze waarop het Participatiebudget 2012 wordt ingezet.
Bestuurlijk portefeuillehouder is wethouder Raaijmakers
►Wethouder Raaijmakers zegt toe tijdens het geplande speciale overleg op 11 april 2013, aan de hand van informatie, aan de orde te zullen stellen hoe inzicht verkregen kan worden mbt de vraag hoe het staat met armoede in Landerd.
►Wethouder Raaijmakers zegt dat Landerd mensen die onder de armoedegrens zitten, als er een extratje voor is, moet proberen te helpen, of het nu jongeren of ouderen zijn (toezegging). Wethouder Raaijmakers geeft desgevraagd aan dat dit onderwerp 11 april 2013 ook aan de orde komt.
De raad stemt unaniem in met het voorliggende voorstel.

15. Behandeling verzoek van wethouder Tindemans om ontheffing van het in de Gemeentewet voor wethouders opgenomen vereiste van ingezetenschap
Op grond van artikel 36a, lid 2 van de Gemeentewet kan de raad voor de duur van een jaar ontheffing verlenen van het voor wethouders opgenomen vereiste van ingezetenschap. De ontheffing kan in bijzondere gevallen telkens met een periode van maximaal een jaar worden verlengd. Daarop heeft dit voorstel betrekking.
Bestuurlijk portefeuillehouder is de burgemeester.
De raad stemt unaniem in met het voorliggende voorstel.

16. (nagezonden) Voorstel tot wijziging van de Verordening geurhinder en veehouderij 2008, ophogen van de geurnorm in plangebied Voederheil
Voorgesteld wordt om de geurnorm van het plangebied Voederheil op te hogen.
Dit voorstel is ook aan de orde geweest in de Voorbereidende Vergadering van 22 januari 2013.
Bestuurlijk portefeuillehouder is wethouder Van Dongen
Dit agendapunt is bij agendapunt 4 afgevoerd.

17. (nagezonden) Vaststelling bestemmingsplan Bedrijventerrein
Voederheil II
Voorgesteld wordt om gelet op de inhoud van de Nota Zienswijzen het bestemmingsplan Voederheil II gewijzigd vast te stellen. Dit voorstel is ook behandeld in de Voorbereidende Vergadering van 22 januari 2013.
Bestuurlijk portefeuillehouder is wethouder Van Dongen
Dit agendapunt is bij agendapunt 4 afgevoerd.

18. Sluiting
De voorzitter sluit de vergadering om ca. 23.00 uur.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Landerd, gehouden op

de griffier,            de voorzitter,

J.A.G. Huijs         W.C. Doorn-van der Houwen